De Amerikaanse fintech Ramp haalt 1,85 miljard dollar op tegen een waardering van 60 miljard dollar, een sprong van 44 miljard in slechts drie maanden.
De prijskaartje voor corporate spend management is in enkele weken flink omhooggeschroefd. Ramp, het New Yorkse bedrijf dat zich focust op uitgavenbeheer voor bedrijven, heeft volgens Bloomberg zo'n 1,85 miljard dollar aan nieuwe financiering weten te bemachtigen. Het is een bedrag dat de waardering van het bedrijf op roughly 60 miljard dollar zet, een cijfer dat de verse kapitaalinjectie niet meerekent.
De snelheid van deze schaalvergroting is opvallend. Alleen al in juni dit jaar haalde het bedrijf 750 miljoen dollar op tegen een waardering van 44 miljard dollar. Drie maanden later, met deze nieuwe ronde, is de waarde dus met meer dan 30 procent gestegen. Het is een duidelijk signaal dat investeerders nog steeds grote sommen willen inleggen op de automatisering van bedrijfsfinanciën, zolang de groeicijfers meevallen.
Investeerders zetten in op AI
Dragoneer Investment Group en Thrive Capital hebben de leiding genomen in deze ronde, met een grote bijdrage van Founders Fund. Voor een bedrijf dat in 2019 is opgericht, is dit een ongeëvenaarde positie in de markt. Bloomberg meldt dat Ramp hiermee ver voorop loopt op andere startups in het segment van corporate spend management.
De focus van de investeerders lijkt sterk op de toepassing van kunstmatige intelligentie. Sinds de financiering in juni zoekt Ramp actief naar nieuwe manieren om AI te inzetten. In augustus lanceerde het bedrijf een tool die werk automatisch doorsturen naar goedkopere AI-modellen wanneer dat mogelijk is. Dit is een slimme zet om de operationele kosten te drukken, aangezien de verwerkingskosten van AI een steeds groter deel van de business case uitmaken.
Ramp denkt zelfs over het trainen van eigen AI-modellen. Dat is een stap die slechts een handvol techbedrijven durft te nemen, gezien de enorme kosten en de technische complexiteit. Als dit doorgaat, wil het bedrijf minder afhankelijk zijn van externe leveranciers en zijn eigen data-voordeel maximaliseren.

Groeicijfers onderbouwen de prijs
De hoge waardering is niet voor niets. Het klantenbestand van Ramp is dit jaar flink aangevuld. In juni melde het bedrijf dat het samenwerkte met 70.000 bedrijven, terwijl dat aantal begin 2026 nog op 50.000 stond. Dat is een groei van 40 procent in enkele maanden, wat aantoont dat de vraag naar digitale betaaloplossingen voor bedrijven nog steeds groot is.
De omzet is eveneens fors gestegen. Volgens Bloomberg had de geannualiseerde omzet in juni de grens van 1,5 miljard dollar al gepasseerd. Voor een bedrijf dat in 2019 pas is gestart, is dit een indrukwekkend tempo. De combinatie van een razendsnel groeiend klantenbestand en een sterke omzetgroei geeft de investeerders de ruimte om die 60 miljard dollar waardering te accepteren, ook al is de concurrentie in de fintechsector fel.

Kans of risico voor de concurrentie?
Voor de concurrentie wordt het hiermee lastiger. Een bedrijf dat al 60 miljard dollar waard is, heeft een enorme kasslag om producten te ontwikkelen, marketing te financieren en talent aan te trekken. De vraag is of de marktpartijen die nog kleiner zijn, de schaal kunnen halen om mee te kunnen doen. De barrière voor instap stijgt, want de verwachtingen van klanten worden steeds hoger als het gaat om integraties, AI-functionaliteiten en naadloze betaalprocessen.
Of deze waardering duurzaam is, blijft afwachten. De markt voor corporate spend management is nog jong en onderhevig aan schommelingen. Als de economie afkoelt of de interesse voor AI afneemt, kan de druk op de waarderingen weer toenemen. Voor nu lijkt het echter alsof de investeerders vol vertrouwen zijn in de richting die Ramp uitstippelt, en dat is een sterke positie om vanuit te opereren in een snel bewegende sector.

Wat dit betekent voor de Europese markt
Hoewel Ramp een Amerikaanse speler is, heeft dit effect op de Europese fintechsector. Europese bedrijven die vergelijkbare oplossingen aanbieden, staan nu onder meer druk om zich te onderscheiden op prijs of lokale specificaties. De Nederlandse en Duitse markt zijn bijvoorbeeld zeer gevoelig voor privacy en lokale regelgeving, wat een voordeel kan zijn voor Europese spelers die daar op zijn ingesteld.
De Europese autoriteiten houden de markt in de gaten, zoals ook blijkt uit de recent verstrekte EMI-licentie voor YeePay door De Nederlandsche Bank. Dit toont aan dat Europa ook zijn eigen infrastructuur bouwt voor internationale betalingen. De concurrentie wordt dus niet alleen een kwestie van technologie, maar ook van regulatorische aanpak en lokale verankering.
Veelgestelde vragen

Keep subscribing to Wietske VisserHer next filing reaches you the moment it publishes, on her own subdomain.
Subscribe
