Nederlands vermogen groeit naar 200 miljard, maar de hypotheekrente van 4,3% maakt van beleggen een noodzaak. Een analyse van de druk op de Nederlandse portefeuille.
Een Spanjaard betaalt gemiddeld 2,2% rente op zijn hypotheek, een Nederlander 4,3%. Dat is geen klein detail, maar een structureel verschil dat de hele financiële planning van het huishouden bepaalt. Volgens Welingelichte Kringen is dit renteverschil de kern van waarom Nederlandse gezinnen zich zo hardop afvragen wat er gebeurd is met hun koopkracht.
Gelijktijdig meldt De Telegraaf dat het vermogen van Nederlandse huishoudens is opgelopen naar ruim 200 miljard euro. We beleggen meer dan ooit. Het klinkt als een goed verhaal, maar als je de cijfers naast elkaar legt, ziet het er anders uit. Het vermogen groeit niet omdat we meer verdienen, maar omdat we geen andere keuze hebben dan onze spaargeld te parkeren in beleggingen om de inflatie en de hoge hypotheeklasten te compenseren.
De druk van de 4,3%
De Nederlandse hypotheekmarkt is een apart verhaal. HomeFinance.nl toont dat veel Nederlanders nog steeds een hoge openstaande hypotheek hebben, relatief gezien tegenover hun leeftijdsgenoten. Die last is zwaar. Met een rente van 4,3% wordt elke maand een deel van je inkomen opgegeten door de bank.
Vergelijk dat met Spanje. Daar is de markt structuureel anders. De lage rente van 2,2% betekent dat een Spaans gezijn minder druk voelt om elk spaarpunt direct te verbranden in beleggingen. Voor de Nederlander is het echter anders. Als je 4,3% rente betaalt, moet je rendement op je spaargeld minimaal daarboven liggen om niet uit te schakelen. Dat dwingt tot risico.
Dit verklaart deels de toename van het belegde vermogen. Het is geen pure beleggingsdrang, maar een defensieve strategie. Men probeert de inflatie te verslaan en de dure hypotheek te overleven. De 200 miljard euro is deels een noodzaak, geen luxe.

Waarom de portefeuille zwaarder wordt
De Telegraaf stelt dat we meer dan ooit beleggen. Dat klopt, maar het is een complexe situatie. Veel van dat vermogen zit in vastgoed. De waarde van huizen is gestegen, maar de rentelast is ook gestegen. Dat maakt de netto positie kwetsbaar.
Er is een paradoox. De Nederlanders zijn rijk, maar ze voelen zich arm. De reden is de kostenstructuur. De hypotheek is de grootste vaste last. Als die 4,3% kost, heb je weinig ruimte voor experimenten. Beleggen wordt dan een middel om de maand te laten kloppen, niet een doel op zich.
Dit verklaart ook waarom crowdfunding-platforms in Nederland groeien. Investeerders.nl noemt dit een trend. Mensen zoeken alternatieven voor de traditionele bank. Ze willen controle over hun geld, want de bank levert hun nu te hoge lasten op.

De rol van alternatieve beleggingen
Crowdfunding wordt steeds populairder. Niet omdat het veilig is, maar omdat het rendement hoger is. Voor een Nederlander die 4,3% rente betaalt, is een rendement van 5% of 6% noodzakelijk om positief te blijven. Dat is precies wat veel crowdfunding-platforms beloven.
Het is een risico. Maar het is een gecontroleerd risico. De keuze om in crowdfunding te beleggen is vaak een reactie op de hypotheekmarkt. Je accepteert meer volatiliteit omdat de lage rente op spaargeld niet genoeg is om de lasten te dekken.
Dit is geen financiële crisis in de klassieke zin. Het is een aanpassing. De Nederlandse huishoudens passen zich aan aan een realiteit waarin de hypotheekrente hoog blijft. De 200 miljard euro is het resultaat van die aanpassing.

De Nederlandse uitdaging
De uitdaging voor de komende jaren is duidelijk. Als de hypotheekrente niet daalt, blijft de druk op het belegde vermogen staan. De 200 miljard euro is niet automatisch een teken van welvaart. Het is een teken van noodzaak.
De vergelijking met Spanje is leerzaam. Daar is de structuur gunstiger. In Nederland is de structuur duur. Dat betekent dat de Nederlandse belegger moet blijven presteren. Niet voor de rijkdom, maar voor de overleving van de maand.
Het is een realiteit die we moeten accepteren. De hypotheek is de motor van de Nederlandse economie, maar ook de motor van de financiële druk. De 4,3% is geen cijfer, maar een last. En dat bepaalt hoe we met ons spaargeld omgaan.
Veelgestelde vragen

Keep subscribing to Daan de VriesHer next filing reaches you the moment it publishes, on her own subdomain.
Subscribe
